#Wot deel 38 – Diploma

Papieren. We kunnen niet zonder. Otjes vader, Tos, had er mee te maken: bij gebrek aan de juiste diploma’s hield hij het nooit lang uit in één en dezelfde keuken. Voor de lezers een geluk, voorspelbaarheid is eenmaal saai. Een verhaal als dat van Otje en haar vader zou een goede reden zijn om geen diploma te halen: als een vogel zo vrij zijn klinkt heerlijk.

Maar dat was een voor-het-slapen-gaan-verhaal. De Kaapse raasdonders, de grîves en de nare tantes van Otje bleven in mijn dromen dichtbij, maar de volgende morgen ging iedereen na het ontbijt weer aan de slag. Op weg naar school of naar het werk. En zo kwam het dat ik, samen met met vele anderen, achtereenvolgens mijn veter-, zwem- en verkeersdiploma behaalde. De Havo volgde, na een jaar HEAO Commerciële Economie hield ik het voor gezien en ging op zoek naar een baan.

 

Diploma ~ 1) Akte 2) Akte van bekwaamheid 3) Bekwaamheidsbewijs 4) Belangrijk papier 5) Belangrijk papiertje 6) Bewijs 7) Bewijs van bekwaamheid 8) Bewijs van bevoegdheid 9) Bewijs van een behaald examen 10) Bewijs van lidmaatschap 11) Bewijs van slagen voor een examen 12) Bewijsstuk 13) Brevet 14) Bul 15) Certificaat 16) Charter 17) Document 18) Examenbewijs

 

Mijn eerste ‘echte’ baan was die bij de bank. Al had ik het zelf nog niet, kon ik daar maar wel mooi werken in Het Grote Geld. Dacht ik. Ik begon op de administratie -geen geld te bekennen!- en had het naar m’n zin. De mens is nooit uitgeleerd, dus volgde ik de ene na de andere NIBE-cursus om met verder te bekwamen in het bankwezen. Het was niet mijn passie, anders had ik vast meer gas gegeven om mezelf te ontwikkelen.

Eigen zaak

Inmiddels startte mijn man zijn eigen bouwbedrijf, ik rondde de cursus Praktijkdiploma Boekhouden af en werkte met plezier één dag in de week mee in het bedrijf dat hij opbouwde.

Twintig jaar geleden stopte ik met werken bij de bank, omdat daar in de tijd dat ik ons eerste kind verwachtte geen mogelijkheid was om parttime aan te blijven. Ik weet nog dat mijn chef destijds zei: ‘Nee dat kan niet, maar wie weet zit er volgend jaar iemand anders op deze stoel die het wel goed vindt.’  Ik vond het niet zo heel erg, omdat ik mijn werk bij het bouwbedrijf met plezier kon blijven doen.

Moeder bén je

En ik werd moeder! Zonder er overigens voor geleerd te hebben. Gek is dat eigenlijk: voor de meest uiteenlopende beroepen bestaat een opleiding, mét diploma, maar voor het mooiste en nu en dan ingewikkeldste beroep bestaat geen opleiding: moeder ben je ineens (niet helemaal ineens natuurlijk …).

Tussentijdse rapporten

Het is een vak dat ik in de praktijk leer, waarvan ik hoop dat ik over een jaar of tien kan zeggen dat ik er een voldoende voor heb gehaald. Geen officieel diploma kan tippen aan de met zorg gemaakte Moederdag-cadeaus en onverwachte lieve briefjes, de mini-tussentijdse rapporten. Dat zijn de papieren die er in mijn ogen écht toe doen.

20170921_153005

 Tussentijds rapport uit 2005

#WOT staat voor Write on Thursday. Iedere donderdag verschijnt er een woord waarover je iets kunt schrijven, vloggen of ploggen. Wil je mee doen? Bekijk hier wat het woord van de week is.
Advertentie

Beesten

20170523_133740

De merel hupt vederlicht over het gras van het speeltuintje. Hupje bij beetje komt hij steeds dichterbij het bankje waarop ik van de zon zit te genieten. Nu en dan staat hij met een schuin kopje te luisteren naar zijn soortgenoten die ik wel hoor maar niet zie. Hij boort zijn oranje snavel tussen het gras en de vergeet-mij-nietjes op zoek naar voedsel. Inmiddels aangekomen bij de schommels draalt hij nog wat.

Geen heg te hoog

Het gras rondom de schommel is duidelijk vaker belopen dan de rest van het veldje: de begroeiing die er nog is, is overwegend bruin van kleur. Of dat de reden is voor zijn vertrek weet ik niet zeker, maar de merel houdt het voor gezien. Hij spreidt zijn vleugels en verdwijnt tussen de bladeren van de boom die vlak achter de heg staat. Vanaf die hoogte daalt hij rustig af naar de grond. Vogels hebben eenmaal het geluk, niet om te hoeven lopen. Dankzij hun vleugels is geen heg te hoog. Zoals Klein Orkest dat in hun lied ‘De muur’ zo mooi heeft verwoord: ‘Want alleen de vogels vliegen van West- naar Oost-Berlijn’.

Moeders vleugels

De twee schommels wiegen zachtjes heen en weer. In gedachten zie ik twee meisjes giechelend kletsen op de zwarte zittingen. Een voorzichtige glimlach op mijn gezicht. Die verdwijnt bij de gedachte aan de moeders van de kinderen die gisteravond bij het concert van Ariane Grande in Manchester waren.

Hun kinderen dansten en zongen. Zoals onze jongste dochter dat vorige week, samen met haar vriendinnen, bij het concert Bruno Mars in de Ziggo Dome heeft gedaan. Waarschijnlijk hadden ook de kinderen in Manchester hun zakgeld van maanden opgespaard om hun idool in levende lijve te kunnen zien optreden.

Leven leren vieren

Stuk voor stuk meisjes en jongens die doen wat ze horen te doen op hun leeftijd. Spelen, lachen, genieten: leren het leven te leven én het te vieren. Meisjes en jongens als onze zoon en onze twee dochters. Met moeders zoals ik. Het maakt me misselijk.

Misselijk, omdat er in de wereld steeds weer beesten opduiken die zich voordoen als mensen.

 

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Tuesday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

Het lot beslist

Af en toe haalde mijn moeder de knikkerzak tevoorschijn.
Het vaalgroene velours was aan de bovenkant dichtgetrokken met een rode veter 
die ooit in mijn witte Quickkies had gezeten. Super kicksen trouwens.

“Ben ik alweer de klos? René hoeft nooit eens!”
“Niet waar! Vorige week heb ík alle konijnenkeutels uit het hok geschraapt. En stro gehaald bij buurman.”
“Doe het anders even samen jongens, dan zijn jullie zo klaar.
Drinken we daarna een kop thee”, probeerde mama te bemiddelen.
“Ammehoela! Ik moet aan mijn huiswerk. Dààààg.”
Ik was al onderweg naar boven toen mijn moeder René vroeg de knikkerzak te halen.
“We laten het lot beslissen jongens. Jij mag eerst, Dick.”
Vijftig procent kans op de jaknikker.
Ik had pech.