Ontroerend goed

20180913_160720

De nieuwe Margriet, die ik net uit de brievenbus heb gepakt, ligt opengeslagen voor mij op de keukentafel als de muzikale klanken mij als donderslag bij heldere hemel treffen. In de woonkamer zingt zij James Blunts “Goodbye my lover” en begeleidt zichzelf daarbij op de piano.

Mijn keel wordt dichtgeknepen en terwijl ik mij bedenk hoe dat komt, drukken tranen achter mijn ogen om hun weg naar buiten te vinden. Eentje links en eentje rechts. Pling plong.

Ontroerende reuring

Het zal een combinatie van factoren zijn: deze herfstige tijd van het jaar die het einde van een mooie zomer markeert. Het feit dat ik van het heden zó geniet, dat ik daar acuut heimwee naar kan krijgen, zelfs als dat slechts twee minuten geleden is. Misschien ook wat hormonen (altijd een dankbare zondebok), maar bovenal omdat ik haar zo mooi vindt zingen.

Muziek raakt

De liefhebber in mij geniet van de muziek en het plezier dat de muzikant uitstraalt. Op straat, in het theater, bij een schoolvoorstelling of waar dan ook. Zelf speel ik geen instrument, zing nu en dan mee met liedjes die ik op de radio hoor. Al zet ik die snel uit, zodra zij de de klep van de piano opent.

De moeder in mij geniet enorm van deze specifieke livemuziek. Live in eigen huis. Ontroerend goed.

 

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Thursday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.
Advertenties

September

‘In september pakken we het weer op’. Een geruststellende gedachte om in de zomermaanden volop te genieten van onrust, reinheid en onregelmatigheid. Na de zomer beginnen we allemaal weer met school, werk en bewegen.

Van de (onder moeders zonder twijfel 😉 ) welbekende wijsheid van ‘de drie R-en’, wil ik aan de reinheid niet morrelen, maar de andere twee zijn tamelijk aan sfeer en gelegenheid onderhevig. Vakantie betekent voor mij: geen klok en geen vastomlijnde weekschema’s. Sterker nog, het plannen van een dag komt er vaak niet eens van. Meestal duurt het een dag of twee eer ik me aan de wetten van de onregelmatigheid weet te onderwerpen. Maar als die horde eenmaal genomen is… och wat een heerlijkheid! En het gaat me ieder jaar beter af. Of dat door luiheid, het ouder óf slimmer worden is, is nog de vraag. Maar wat zou het. Het gevoel is goed.

Niet moeten maar mogen

Het idee dat het gewone leven mij na de vakantie weer op me wacht, geniet ik dubbel van het wel mogen maar niet moeten in de vrije weken. Onbekende plaatsen, steden of landen bezoeken om na afloop van die uitstapjes met veel plezier thuis te komen in ´mijn´ dorp, waar ik op de jaarlijkse kermis met vriendinnen en vrienden eerder al proostte op ons en ons geluk.

Niet moeten maar willen

Vakantie blijkt een bron van energie. Met een frisse blik pak ik ´het´nu in september weer op. In dit geval is dat iets, wat ik een jaar of negen geleden heb laten liggen. Nu de gelegenheid zich voordoet, neem ik de tijd om de handschoen én kwast op te pakken.

Rust, reinheid en regelmaat

Het hoognodige -en tegelijkertijd vervelende- ontvetten, schuren en plamuren heb ik de afgelopen dagen afgehandeld. Nu begin ik aan het echte werk. In alle rust geef ik met regelmatige streken kleur (eigenlijk geen kleur, wij wilden wit) aan het schone houtwerk.

Langzaam maar zeker frist onze kamer op. Net als de natuur trouwens. Maar dan net even anders.

 

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Thursday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

Vi är familj

20180830_164129

We parkeren de auto rond lunchtijd in de royale parkeergarage van het Zweedse Verkoopfiliaal. Onze magen knorren luider dan onze winkelbenen wiebelen, dus het besluit om eerst een hapje te gaan eten is snel genomen. Dat hebben meer mensen bedacht.

Lang voordat er met de bouw van deze winkel is begonnen, op het moment dat deze ruimte op de tekentafel van de inrichters lag, hadden zij dat als eerste bedacht: ik verbaas me over de hoeveelheid mensen en de rust die tegelijkertijd in restaurant heerst. Eten en plaats genoeg voor allemaal. Met onze lunch op het dienblad manoeuvreren dochter en ik naar een vrije tafel bij een van de vele ramen in het restaurant. Om ons heen zitten jonge gezinnen, studenten, eenlingen en de iets oudere gezinnen. De meegereisde opa aan de tafel naast ons neemt eerst de inhoud van het pillendoosje tot zich om daarna het mes in de vis op zijn bord te zetten. Op de kleuter, die zijn ijsje in de speelgoedkeuken heeft laten vallen, na heeft iedereen het naar zijn zin.

Dochter en ik vragen ons tussen de happen door af, wat het nut van de familycard nu eigenlijk is. Een blik op de bon leert ons dat de koffie gratis is voor ons, trotse bezitters van het rode kaartje. Daarnaast staan her en der in de winkel artikelen met een speciale prijs voor de leden van de Zweedse familie. Oh, en we krijgen jaarlijks de gids thuisbezorgd met updates over het assortiment.

Zonder twijfel zal de firma door het kaartje inzicht krijgen in ons koopgedrag, hoe vaak we op visite komen, welke producten we kopen en welk inpakpapier we daar omheen vouwen om vervolgens aan onze bloedverwanten of kennissen te cadeau te doen. En waarschijnlijk zijn ze via mijn kaartje ook te weten gekomen wat de gemiddelde klant van tussen de 40 en 50 jaar oud uitkiest als lunch. Om daar vervolgens uit te concluderen dat mijn tafelgenoot en ik zo’n tweeëntwintig en een halve minuut gebruik maken van de stoelen in het restaurant. En zo exact weten, hoeveel zitplaatsen er moeten zijn om ieder klant zich välkommen te laten voelen op Zweeds grondgebied, of dat nu in Groningen, Amsterdam of Heerlen is. Ik moet zeggen: dat is goed gelukt. Goh, zoveel informatie voor wel negentig cent. bedenk ik me bij mijn laatste slok koffie.

We ruimen de tafel af en gaan door naar het magazijn, laden de kast (en nog een paar extra items die we niet kunnen laten liggen-ook dát staat op het rode kaartje!) in en zetten koers naar huis om daar de kast in elkaar te zetten. Zelfs dat laatste gaat vandaag, na een fikamomentje, gesmeerd.

De familie kan trots op ons zijn!

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Thursday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

Puzzelen tot de zon weer komt

20180816_133903

Als het weer je met zacht hand naar binnen dirigeert, is het even schakelen. Wat te doen? Er is keus genoeg, maar ik wil nog even het vakantiegevoel vasthouden. Volgende week gaan we weer aan de slag, deze week hoeft er nog niet zoveel.

Ik ruimde mijn nieuwe skischoenen op op zolder. Dat komt weer omdat de sportzaak aan het opruimen is. Na de opheffingsuitverkoop hebben ze daar straks geen plaats meer voor het stel. Wij wel! Zodoende ben ik nu voor een zacht prijsje de trotse eigenaar van een paar keiharde stappers.

Denken uit, handen aan

Op onze bovenste verdieping klonk het rustig tikken van regendruppels op de dakpannen mij als puzzeltijd in de oren. Een beeld in duizend stukken, geduldig wachtend op zijn reconstructie, nam ik onder mijn arm mee naar de keuken. Ik stortte de doos leeg op tafel en zoeken maar. Denken uit en handen aan.

Het leuke van puzzelen is dat je het ene moment geen enkel passend stuk vindt, maar vanaf de andere kant van de tafel bezien, liggen de oplossingen zomaar voor het oprapen. Van tegenslag naar euforie in slechts een paar seconden. En hoe meer het eindresultaat vorm krijgt, hoe meer binnenjuichmomenten er zijn. Vooral bij die laatste vijf stukjes…

Nog zo’n honderdenvijf te gaan. Na een aaah en een oooh kan ik dan morgen met een gerust hart weer naar buiten, de zon in!

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Thursday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

Vluchtige schoonheid

20180809_132022-440436441.jpg

In de keuken stond een potje bellenblaas in het raamkozijn. Iemand was begonnen met het op te ruimen. Maar ja, waar laat je zoiets?

Niet van plan het proces af te ronden, pakte ik het potje op. Ik nam het mee naar buiten en blies bellen in de tuin. Grote, kleinere en minuscule bellen verlieten het stokje met de twee openingen. Je kent het stokje ongetwijfeld, het is die met een mini-doolhof op de dop.

Pop-up expositie

Even maakte ik kunst. Kunst alleen voor mijn ogen bestemd. En ik genoot van de vluchtige expositie. Maken, kijken en verwonderen totdat de bellen uiteenspatten in de buitenlucht. En anders dan bij knutselen, boetseren of schilderen, hoefde ik na het creëren niets* op te ruimen.

Opgelost staat netjes.

 

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Thursday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

 

* Bijna niets: het lege potje is onderin de vanmorgen juist geleegde kliko voor het plastic afval beland 🙂

Ver van mijn bed

De zilveren serveerschaal verscheen langzaam in zijn gezichtsveld en onttrok Louis’ blik aan bladzijde vierentachtig van het notariële stuk dat hij deze middag onafgebroken aan het bestuderen was. Hij keek naar de envelop en vervolgens in Hendriks asgrijze ogen. Zijn butler sloeg zijn ogen neer. Ook hij had het handschrift herkend.

Louis liet het lijvige dossier met een plof in zijn schoot vallen, nam de envelop van de schaal en verbrak in dezelfde beweging het koraalrode zegel.
“Daar gaan we weer Hendrik”, zuchtte Louis:

Louis, ik verwacht jou en mijn kleinzoon morgenochtend om nul-zevenhonderd uur in de salon, tenue de ville.

“Och, hoe komt mama zo matineus, Hendrik?
Papa én zijn genen blijken voor mij buitengewoon dominant te zijn geweest.”

Swimming Apart Together

De frequentie van aantal berichten in de groepsapp van onze zwemclub lijkt per dag op te lopen. Ik ben op het moment zo’n 1400 kilometer bij ze vandaan, maar blijf via het internet op de hoogte van het wel en wee van onze club. Berichten over aan te schaffen badmutsen, wel of niet een wetsuit maar vooral in welk water er wanneer gezommen wordt. Alles om goed voorbereid aan de start van de Swim to fight Cancer in Hollands Kroon te verschijnen.

Voor deze bijzondere gelegenheid is het ledental van onze club tijdelijk opgelopen naar zes en op 16 september doet iedereen mee aan het evenement in ‘ons eigen’ Oude Veer, mijzelf incluis. Maar omdat ik nu op vakantie ben en ik de gezamenlijke trainingen op een afstand volg, voelt het bijna als spijbelen.

Al maak ik deze dagen ook mijn zwem-meters in open water. Zo voel ik me ondanks de afstand toch verbonden met de anderen. De Adriatische Zee heeft echter de schijn tegen van plek waar het stevig trainen is.

Het water, in de allermooiste kleuren blauw. De stralende zon, die van geen ophouden weet. Een douche aan de rand van het water. En het matrasje waarop het heerlijk herstellen is onder de hemelsblauwe lucht. Het nuttige is op deze manier prima met het aangename te verenigen.

Zo hoop ik precies genoeg te doen om volgende week weer te kunnen aanhaken bij het tempo van mijn mede-zwemmers in het vertrouwde, iets minder blauwe, water van het Oude Veer.

Voor meer informatie kan je kijken op onze eigen pagina van het evenement.

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Thursday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.